Subsidies heftruck banner

Subsidies

Ondernemen is investeren. Maar het geld kan slechts één keer worden uitgegeven. Met diverse subsidieregelingen schiet de overheid ondernemers te hulp en worden duurzame investeringen en het aannemen en opleiden van werknemers gestimuleerd.

Het meest bekend zijn waarschijnlijk de subsidieregelingen voor milieuvriendelijke investeringen, zoals de Milieu-investeringsaftrek (MIA), Willekeurige afschrijving milieu-investeringen (Vamil) en de Energie-investeringsaftrek (EIA). Deze regelingen bieden de ondernemer fiscaal voordeel bij een investering in milieuvriendelijke technieken.

MIA/Vamil

Jaarlijks actualiseert en publiceert de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland een Positieve Milieulijst. Een investering in bedrijfsmiddelen die op deze lijst staan en voldoen aan de daarin gestelde eisen, levert een aardig fiscaal voordeel op. Bij de MIA loopt dat voordeel op tot wel 36% van het investeringsbedrag. De Vamil-regeling maakt het mogelijk om zelf te bepalen wanneer investeringskosten worden afgeschreven. Zo kan bijvoorbeeld een liquiditeits- of rentevoordeel worden gecreëerd door investeringen vervroegd af te schrijven.

Subsidies milieu

EIA

Enigszins vergelijkbaar met de MIA/Vamil-regeling is de Energie-investeringsaftrek (EIA). De regeling levert fiscaal voordeel op en geldt eveneens voor investeringen in energiezuinige technieken en duurzame energie. Denk hierbij bijvoorbeeld aan een emissiearme verwarmingsketel, zonnepanelen, cryogene transportkoeling, of een dubbel laadvloersysteem voor vrachtwagens of trailers. Het gemiddelde voordeel bedraagt 11%. Een voordeel dat bovenop de lagere kosten, van bijvoorbeeld de lagere energierekening of gereduceerde transportkosten, komt.

Fiscale aftrek is mogelijk voor duidelijk omschreven investeringen (bedrijfsmiddelen die staan vermeld op de Energielijst 2019), maar ook voor maatwerkinvesteringen. Zolang de investering een forse energiebesparing oplevert, kan 45% van de investeringskosten worden afgetrokken van de fiscale winst. Dit kan bovenop de gebruikelijke afschrijvingen.

Naast de aanschafkosten komen onder meer de kosten voor voorzieningen die technisch noodzakelijk zijn voor de nieuwe bedrijfsmiddelen, advieskosten en montagekosten in aanmerking voor Energie-investeringsaftrek.

Voorwaarden

Voor zowel de MIA-/Vamil-regeling als voor de EIA gelden voorwaarden. Zo mag het bedrijfsmiddel waarin wordt geïnvesteerd niet eerder zijn gebruikt en dient de investering minimaal €2.500 te bedragen. Voor iedere investering geldt hierbij de Milieulijst of Energielijst van het betreffende jaar. Alle voorwaarden en de volledige lijsten zijn te vinden op de site van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (www.rvo.nl).

Subsidies Soob

SOOB

Naast regelingen voor investeringen in bedrijfsmiddelen, zijn er subsidies voor het opleiden en certificeren van personeel, zoals de SOOB-subsidie.

SOOB is het opleidings- en ontwikkelfonds voor de sector transport en logistiek en staat voor Stichting Opleidings- en Ontwikkelingsfonds Beroepsgoederenvervoer. Via het verstrekken van subsidies stimuleert SOOB het volgen van opleidingen en trainingen door huidige én toekomstige medewerkers in de branche.

De keuze uit opleidingen is breed en varieert van opleidingen voor chauffeurs en logistiek personeel tot opleidingen voor het middenkader. Zo zijn er subsidies voor vakbekwaamheidsopleidingen, veiligheidscertificaten en her-certificeringen voor heftruck- en reachtruckchauffeurs en voor opleidingen op het gebied van veiligheid en fysieke belasting.

Voor de SOOB-subsidie geldt een subsidieplafond. Zodra dat plafond is bereikt, wordt er geen subsidie meer verstrekt. Bovendien zijn de subsidies uitsluitend beschikbaar voor opleidingen die worden uitgevoerd door opleiders met het certificaat ‘(Voorlopig) Gecertificeerd Opleiders Transport & Logistiek’.

Subsidies voor aannemen personeel

Ook voor het aannemen van nieuwe medewerkers zijn er diverse subsidies en regelingen, zoals een proefplaatsing of loondispensatie. Met een proefplaatsing kan een werkloze of gedeeltelijk arbeidsongeschikte onbetaald twee tot zes maanden worden ingezet. Bij loondispensatie mag een ondernemer, voor een periode van 6 maanden tot maximaal 5 jaar, minder dan het minimumloon betalen voor werknemers met een Wajong-uitkering.

Bij het aannemen van oudere werknemers (56 jaar en ouder) of het aannemen van personeel met een arbeidsbeperking kan het Loonkostenvoordeel (LKV) van kracht zijn. Daarnaast bestaat sinds 2017 het lage-inkomensvoordeel (LIV), waarbij de werkgever een tegemoetkoming in de loonkosten ontvangt voor werknemers met een laag loon. Ook bestaan er subsidies voor werknemers die de Nederlandse taal onvoldoende machtig zijn, of voor wie de werkplek aangepast dient te worden.

Wilt u meer informatie?

Ook interessant

Heeft u nog vragen?